De Wil en Wilsuitingen en Wilsonbekwaamheid

Een cliënt heeft als patiënt het recht om zélf te beslissen over het onderzoek of de behandeling die hij/zij ondergaat. De arts beslist vervolgens of hij dat onderzoek of de behandeling ook werkelijk uitvoert of laat uitvoeren. De arts is voor dat onderzoek of die behandeling verantwoordelijk. De cliënt moet wel eerst aangeven of hij/zij het onderzoek of de behandeling wil. De cliënt moet dus toestemming geven en het is van belang, dat de cliënt dat uitdrukkelijk doet.

De filosofe Nelleke Doorn licht de invloed van achtergrond en idee van behandelaar toe in haar boek "Wilsbekwaamheid". Zij stelt vast, dat het begrip wilsbekwaamheid in de medische wereld, het gezondheidsrecht en de gezondheidsethiek, verschillend wordt gehanteerd. Ondanks de gedeelde achterliggende gedachte van het recht van een individu op zelfbeschikking, loopt de interpretatie van het begrip uiteen. En dat leidt regelmatig tot spraakverwarring of zelfs conflicten.

Zorgombudsman Cura Vera® is van mening, dat dit nadelig is voor de cliënt. Zo neemt de Koninklijke Nederlandsche Maatschappij tot bevordering der Geneeskunst (KNMG) een te beperkt standpunt in over wilsonbekwaamheid. Het KNMG kijkt slechts naar de verstandelijke vermogens, maar bij bepalen van de wilsbekwaamheid zou gekeken moeten worden naar de achtergronden van de cliënt. Dr. Doorn constateert overigens dat er nergens goed onderzoek is gedaan naar wat "De Wil" is. Er is onvoldoende documentatie beschikbaar. Wel blijkt "de menselijke wil in sterke mate verbonden met de levenssamenhang."

Deze samenhang kan worden uitgedrukt in een levensbiografie. Door in een negatieve schriftelijke wilsverklaring het belangrijkste uit de levensbiografie weer te geven, kan bij wilsonbekwaamheid een verklaring beter begrepen worden.

Wilsonbekwaamheid

Als een cliënt zijn belangen niet meer zelf kan behartigen, spreek je van wilsonbekwaamheid. Denk bijvoorbeeld aan een coma-patiënt of aan dementie. In een dergelijke situatie kan een mentor de belangen behartigen. Een mentor kan een partner of familielid zijn. Of deze mentor ook echt ervoor kan zorgen, dat uw wensen gerespecteerd worden, hangt sterk af van de arts of hulpverlener.

Voor het verstrekken van informatie en toestemming bij meerderjarige wilsonbekwame patiënten staan in de Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst (WGBO) specifieke regels.

De algemeen gehanteerde en aanvaarde definitie van 'wilsonbekwame patiënten' die ook de WGBO als uitgangspunt neemt, is:

Patiënten, die niet in staat kunnen worden geacht tot een redelijke waardering van hun belangen ter zake van een beslissing of situatie die aan de orde is.

Uitgangspunt is dat de patiënt wilsbekwaam moet worden geacht, tot het tegendeel is komen vast te staan. Een patiënt is volledig wilsbekwaam als hij voldoet aan vier criteria. Het minst wilsbekwaam is hij wanneer hij alleen aan het eerste criterium - of zelfs dit niet - voldoet. Deze criteria zijn:

  • kenbaar kunnen maken van een keuze;
  • begrijpen van relevante informatie;
  • beseffen en waarderen van de betekenis van de informatie voor de eigen situatie;
  • logisch redeneren en betrekken van de informatie in het overwegen van behandelopties.

Wilsonbekwaamheid in de WGBO heeft betrekking op het beslissingsvermogen van een patiënt, om in een bepaalde situatie een bepaalde keuze te maken. Wilsbekwaamheid is dus geen eigenschap van een bepaalde groep personen zoals verstandelijk gehandicapten.

Wilsbekwaamheid kan variëren in verschillende periodes en omstandigheden. Een beoordeling moet dus voor de betreffende periode plaatsvinden en gericht zijn op verschillende, voor het handelen van de betrokkene belangrijke vaardigheden.

Als de patiënt zich verzet tegen het uitvoeren van een ingrijpende behandeling, ondanks de toestemming van zijn vertegenwoordiger, dan kan de hulpverlener de behandeling toch toepassen als achterwege laten van die behandeling ernstig nadeel zou opleveren voor de patiënt. Voorbeeld is wanneer de patiënt zonder de behandeling in een levensbedreigende of ernstig invaliderende, chronische situatie terecht zou komen. Maar ook minder ernstige gevolgen die wel de gezondheidssituatie van de patiënt ernstig kunnen raken, zijn voorstelbaar.