In de nieuwe Wet Cliënten Zorg WCZ zijn de plichten van instellingen omgezet naar rechten van cliënten in de zorg. Een spectaculaire verandering in de zorg! Cliënten hebben hiermee een aanzienlijk betere rechtspositie gekregen. Als u tevreden bent over de zorg en volledig vertrouwt op het systeem van onze gezondheidszorg hoeft u niet iets speciaal te regelen.
Heeft u specifieke opvattingen of wensen, dan kan het zinvol zijn om het één en ander schriftelijk te regelen.

Om de rechtspositie optimaal en maximaal te versterken kunt u een aantal zaken regelen:
- Bepaal ten aanzien van welke medische handelingen u behandelbeperkingen oplegt aan de geneeskunde.Dit kan op basis van uw persoonlijke ervaringen of op basis van www.kwaliteitskoepel.nl
- Schrijf een wilsverklaring, levenstestament waaruit blijkt wie u bent, een beknopte biografie , wat uw opvattingen zijn en de behandelbeperkingen1
- Vraag de kantonrechter een mentor te benoemen
- Overleg regelmatig met uw arts
- Zorg ervoor dat uw wilsverklaring wordt opgenomen in het ECD en/of EPD
De wilsverklaring is als het ware een soort levensverzekering. In dit geval keert het niet uit bij overlijden, maar ontstaat bij wilsonbekwaamheid een wettelijk geaccepteerd document. De wilsverklaring geeft in beginsel rechtsbescherming tegen niet gewenst medisch- en verpleegkundig- en verzorgend handelen. Zonder wilsverklaring is de mentor vleugellam.
Met een wilsverklaring kan de mentor de belangen behartigen van de wilsonbekwame. De mentor heeft bij medisch handelen alleen zeggenschap als er een schriftelijke wilsverklaring is. Daarnaast is het van belang dat er regelmatig met de (huis)arts hierover gesproken wordt.
Uit de wilsverklaring zal moeten blijken wat de intentie en de geest is van uw verklaring. Dit is van groot belang als er namens de wilsonbekwame belangen worden behartigd. Prof. Sutorius spreekt over een 'egodocument', waaruit blijkt wat "wat de intentie en de geest is" van u is.
In de dagelijkse praktijk van omgang met wilsonbekwaamheid bestaan forse verschillen van mening tussen de dokter en de mentor over de interpretatie van de toestand van de wilsonbekwame en de gewenste behandeling. Belangrijkste vraag is wie er juridisch gezien de beslisbevoegdheid heeft.
In veel situaties is er overeenstemming, maar in evenzoveel situaties ontbreekt die overeenstemming. In deze situaties kan de mentor overwegen naar de rechter te gaan.